Substraten, bodem en bemesting - niveau 2

 

1. Opdracht: Veelvoorkomende termen die met bemesting te maken hebben

In deze webquest over bodem, substraten en bemesting zul je een aantal vaktermen tegenkomen.

 

Zoek op internet op wat de volgende termen betekenen in de tuinbouw. Je kunt gebruik maken van een zoekmachine. Let op, sommige termen komen ook in andere sectoren dan de tuinbouw voor.

Wat betekent het woord substraat in de tuinbouw?
Wat zijn voedingselementen?
Wat zijn gebreksverschijnselen?
Wat wil pH zeggen?
Wat wil EC-gehalte zeggen?
Wat zijn organische meststoffen?
Wat zijn anorganische meststoffen?

 

2. Opdracht: Bemesting en de functie van meststoffen

Klik op de volgende link en beantwoord onderstaande vragen: De Tuingids.

 

Meststoffen bestaan vaak uit een combinatie van voedingselementen.

In welke 2 groepen worden voedingselementen ingedeeld?
Noem uit beide groepen 3 voedingselementen.
Wanneer spreek je van kunstmest en wanneer van organische mest? Zoek je antwoorden op met behulp van Wikipedia.

 

Door te bemesten zorgt de teler ervoor dat de plant voldoende bouwstoffen kan opnemen om zich gezond te kunnen ontwikkelen. In de mest die door telers wordt gegeven zit alleen maar een aanvulling op de benodigde bouwstoffen die een plant nodig heeft.

 

Kijk op de website van Yara.

Schrijf op wat de functie is van de meststoffen stikstof, fosfaat en kalium.
Welke verandering van kleur zie je bij een plant die gebrek aan fosfaat heeft?
Wat zie je aan de bladeren van een plant die gebrek aan magnesium heeft?

 

 

3. Opdracht: Substraten

Als met substraten wordt gewerkt, maakt het niet meer uit welke grondsoort er in een gebied voorkomt.

 

Lees het artikel over de Paprikateelt in Nederland en beschrijf hoe de teelt veranderd is doordat niet meer in de grond maar in substraatmatten van steenwol wordt geteeld. Beschrijf nu in je eigen woorden wat er voor de bemesting van paprika veranderd is.

 

 

Bekijk de volgende pagina op de sites van Aqualogic en Grodan en beantwoord de volgende vragen.

Noem 4 voorbeelden van substraten.
Waarvan wordt steenwol gemaakt?
Wat is een groot voordeel van telen in substraat tegenover telen in de grond?

 

Kijk op de website van Grodan.

Is het gebruik van steenwol mogelijk voor zowel Glasgroente, Snijbloemen als Potplantenteelt?

 

 

4. Opdracht: Het gebruik van vloeibare meststoffen

In de tuinbouw worden veel vloeibare meststoffen toegepast. De meststoffen worden aan de plant gegeven door middel van fertigatie. Fertigatie is een ander woord voor het toedienen van kunstmest. Daarbij wordt water als transport- en als oplosmiddel gebruikt. De watergift vindt vooral plaats doormiddel van druppelaars.

 

Kijk op de volgende pagina van meststoffenleverancier Ten Brinke.

 

Waarom is het belangrijk om de juiste verhouding van meststoffen en water toe te passen?

 

Veel tuinbouwbedrijven maken gebruik van een zogenaamde A/B-bak bij de bemesting. Bekijk het boekje Tuinbouwtaal.

 

Geef aan waarom een tuinder meerdere bakken heeft voor de bemesting.

 

Bron foto: Quality Care

 

Kijk nu op de website van teeltbedrijf Quality Care.

Wat gebeurt er met het water dat over is na het geven van de bemesting?
Wat gebeurt er met de meststoffen die niet door de plant worden opgenomen?

5. Opdracht: De cirkel is rond

De meststoffen worden meestal toegediend via het water. Omdat sommige meststoffen reacties met elkaar kunnen aangaan wordt er gebruik gemaakt van een zogenaamde A-bak en een B-bak.

 

Klik op het plaatje rechts. In deze opdracht zie je een voorbeeld van een gesloten teelt. Alleen is de weg die het water en de meststoffen afleggen verkeerd weergegeven. Zet alles in de juiste volgorde.

 

Schrijf de juiste volgorde op je antwoordvel.

 

Kijk nu naar de website van De Boer Rozen.

Hoe kun je voorkomen dat ziektekiemen door het water worden verspreid?
Noem twee voordelen waarom een tuinder het water met de meststoffen zal hergebruiken.

6. Opdracht: Potgrond

Vooral siertelers, maar ook biologische groentetelers, telen hun product niet op steenwol. In plaats daarvan telen ze in grond. Nu zijn er zeer veel soorten potgrond verkrijgbaar.

 

Bekijk de websites van enkele potgrondfabrikanten, bijvoorbeeld:


Schrijf op waarom er zo veel verschillende soorten potgrond zijn.
Welke materialen kunnen allemaal worden toegevoegd aan potgrond?

 

Ga nu naar 2 verschillende bedrijven in je omgeving die potgrond gebruiken in de teelt.

Ga na welke soorten potgrond er op het bedrijf gebruikt worden.
Bekijk waar de verschillende soorten potgrond voor worden gebruikt.
Schrijf de specifieke eigenschappen van de soort grond op (denk aan vasthouden van vocht, luchtigheid, samenstelling, enzovoort).
Bekijk of er speciale stoffen of materialen zijn toegevoegd aan de grond.

7. Opdracht: Test je kennis

Weet je genoeg van de substraten en bemesting in de glastuinbouwsector? Klik in het linkermenu op Webquiz en test jezelf. Als je antwoorden fout zijn, klik dan op Tip en zoek op de website tot je het goede antwoord hebt.

8. Opdracht: Wat heb je geleerd?

Welke kennis en vaardigheden heb je geleerd in bovenstaande opdrachten? Kruis aan en vul verder aan op je antwoordvel:

0 informatie zoeken op internet

0 rapporteren en presenteren

0 samenwerken

0 kritisch lezen

0 ....................................................

0 ....................................................